Tweedeling begint al op de kinderopvang

29 april 2016 – Geschreven door: Jelmer Kruyt

Afgelopen week stonden de kranten er vol van: er dreigt een verdere tweedeling in de maatschappij. Even slimme kinderen krijgen ongelijke kansen. Kinderen van hoogopgeleide ouders schoppen het in hun schoolprestaties verder dan kinderen van laagopgeleide ouders. Dit bleek uit onderzoek van de Onderwijsinspectie. Ouders moeten meer betrokken worden bij school en ook de CITO-score moet volgens de minister een belangrijkere rol gaan spelen. Vreemd eigenlijk dat in dat debat de ontwikkeling van kinderen pas start bij de schoolgaande leeftijd van vier jaar.

In Nederland bestaat, naast het onderwijs, namelijk nóg een werkveld dat zich bezighoudt met de ontwikkeling van kinderen: de professionele kinderopvang. Voor 0- tot 4-jarigen, en vanaf 4 jaar in de middag aansluitend op de schooltijden. Er wordt geheel voorbijgegaan aan de meest vormende jaren in de ontwikkeling van een kind, die starten bij de geboorte en niet vanaf 2 of 2,5.

Was kinderopvang in haar eerste jaren met name bedoeld voor vrouwenemancipatie, later veranderde dat in arbeidsmarktinstrument. In het professionele kinderopvangveld is men echter tot de conclusie gekomen dat kinderopvang in eerste instantie bedoeld zou moeten zijn als ondersteuning van de ontwikkeling van het kind. Van elk kind, niet alleen hen die nu recht hebben op voorschoolse educatie.

Zich ontwikkelen is namelijk wat alle kinderen doen, aangestuurd of niet, vanaf de dag dat zij geboren zijn. En hun omgeving, de coaching, de voeding, het ontwikkelend aanbod, het voorbeeld van leeftijdsgenootjes zijn daarbij van enorme invloed. Dat is allang aangetoond – maar nog niet breed omarmd. Je hebt maar één set van super-effectieve leerjaren en als die niet goed gebruikt wordt, haal je dat later niet meer in.

Permanente educatie
Dat betekent dat de professionals in dat ontwikkeltraject een cruciale rol spelen. Vakbekwame professionals beïnvloeden met hun gedragsvoorbeeld en hun ontwikkelend (spel)aanbod de meest vormende jaren van de kinderbreinen op de opvang. Achterhaalde benaming dus voor dat vak: opvang! Ontwikkeling, opvoeding, opleiding: het zijn alle drie geweldig belangrijke en onderling verbonden voorspellers voor een maatschappelijk zinvol leven.

Op dit moment is binnen de Brancheorganisatie Kinderopvang een pilot aan de gang voor een nieuw Permanent Educatiesysteem. Professionals kunnen zich nascholen op diverse aspecten van hun vak en hun kennis laagdrempelig delen met de ouders. Er wordt gebouwd aan een breed lerende cultuur. Professionals worden gedurende hun loopbaan voortdurend gevoed met nieuwe kennis over kinderen, hun brein, hun gezondheid, ontwikkeling enz.

De argumenten voor zo’n maatschappelijke investering van permanente educatie, die zowel jonge professionals als kinderen versterkt, sluiten naadloos aan op het WRR-rapport ‘Naar een lerende economie’. Misschien was het naïef om met de pilot te beginnen zonder breed politiek gedragen akkoord voor deze kwaliteitsimpuls. De vele reacties op de tweedeling in scholing geven ons echter goede hoop voor ruime politieke steun voor ons ambitieuze plan. Want de tweedeling waar de Onderwijsinspectie de noodklok over luidt, kunnen  we simpelweg doortrekken naar de kinderopvang. Ruim de helft van de kinderen van hoogopgeleide ouders maakt gebruik van professionele kinderopvang tegenover minder dan een kwart van kinderen van laagopgeleide ouders. Als we het hebben over een dreigende tweedeling in de maatschappij, laten we dan bij het begin beginnen: bij de allerjongsten.

Jelmer Kruyt

Vice-voorzitter Branche organisatie Kinderopvang

Dit artikel is vandaag als opiniestuk geplaatst in Trouw.